Aan de slag! – Laat je stem eens horen

pp.09_Aan de slag_HJK februari 2018_BelKinderen luisteren graag naar muziek. Ze kunnen op muziek bewegen, erover spreken en muziek opschrijven, maar wat is nu leuker dan zelf muziek maken? Dit kan met instrumenten, kosteloos materiaal en je eigen lichaam. Iedereen heeft een eigen instrument: de stem. Laat kleuters hun stem gebruiken tijdens een dierengeluidenspel of een klankverhaal.

Voor iedere gelegenheid in het leven is er een liedje. Er zijn liedjes voor grootse gebeurtenissen, zoals trouwen en overlijden, maar ook liedjes voor het binnenkomen in de klas, opruimen en eten. Een dag zonder zingen, is nauwelijks voor te stellen in een peuter- of kleutergroep. Laat mogelijkheden om even lekker met de kinderen te zingen niet liggen.

Dierengeluidenspel spelen
Jonge kinderen laten hun stem graag horen als ze bijvoorbeeld dierengeluiden mogen maken. Het spelen van een dierengeluidenspel leidt dikwijls tot grote hilariteit. Dit is echter niet alleen leuk om te doen. Kies voor het dierengeluidenspel een aantal dieren uit en doe die samen met de kinderen na. Zorg dat je foto’s hebt van die dieren. Bij het nadoen van een haan die kraait (kukeleku), maken kinderen een ‘glijtoon’ van hoog naar laag. Het nadoen van het zoemen van een bij die lang – zonder onderbreking – zoemt en van beneden naar boven vliegt, draagt net als het nadoen van een kraaiende haan bij het verkennen van mogelijkheden die de stemmen van kinderen hebben (ademhaling, omvang, resonans en articulatie).

Klankverhaal over het verkeer
Behalve het imiteren van dierengeluiden kunnen ook geluiden gemaakt worden die in het verkeer voorkomen: toeteren, het optrekken van een auto en het klingelen van een fietsbel. Jonge kinderen zijn meesters in imiteren. Kinderen kunnen zelf dingen bedenken die ze in het verkeer kunnen horen. Je kunt als leerkracht echter ook een aantal afbeeldingen achter de hand houden waarop dingen staan die geluid maken, of zelf geluiden voordoen. Na het geluid te hebben ‘geraden’, mogen zij dit nadoen. Deze geluiden zou je vervolgens in een verhaal kunnen verwerken dat je vertelt. Het resultaat is een zogenaamd klankverhaal of hoorspel.

Een liedje zingen
Naar aanleiding van een klankverhaal over het verkeer kan het lied ‘Laat je stem eens horen’ gezongen worden. Het is een swingend eigentijds lied dat kinderen na een aantal keer voorzingen zelf kunnen zingen. Probeer ook eens op de tekst te variëren, bijvoorbeeld: ‘Tik, tik, tik, laat die stokjes tikken …’ Dit levert weer heel nieuwe ideeën op. Let er bij het zingen op dat je als leerkracht niet te laag begint met zingen. Jonge kinderen kunnen nog niet zo laag zingen als volwassenen. Zing je als leerkracht te laag, dan lukt het de kinderen niet op jouw hoogte mee te zingen en gaan ze brommen. Ze ontwikkelen dan niet de vaardigheid om liedjes op de goede toonhoogte te zingen en kunnen zelfs notoire brommers worden. Volwassenen moeten zich daarom aanpassen aan de mogelijkheden van kinderen. Dat betekent in de praktijk dat kinderliedjes hoger gezongen moeten worden dan veel volwassen van nature doen. Om op de juiste hoogte te beginnen, werd vroeger veelal een blokfluit gebruikt. Er zijn alternatieven: een klokkenspel, een digitale piano op je smartphone of een track op een cd of de computer. Ook voor leerkrachten geldt: oefening baart kunst!

Zing en doe maar mee!
Speciaal voor jonge kinderen stelde muziekpedagoog Margré van Gestel een doosje met 21 liedjes samen die zij zelf en andere muziekdocenten hebben geschreven. In het doosje zitten 21 kaarten met op iedere kaart een liedje plus spelbeschrijving, doelen en opmerkingen. Naast de kaarten bevat het doosje een CD waarop de liedjes zowel in een gezongen als een meezingversie te vinden zijn. Het doosje is overigens ook in het Engels te krijgen. Op de website www.zingendoemaarmee.nl is het lied ‘Laat je stem eens horen’ te beluisteren.

Download hier de pdf-versie van deze bijdrage zoals verschenen in HJK februari 2018.